2014 Spring: Hoe krijgt een kat een kater, ofwel: hoe drinkt een kat?
Katachtigen kunnen geen vloeistof opzuigen. Soms wordt gedacht dat een kat het uiteinde van de tong 
kan vervormen waardoor de tong de vloeistof als het ware oplepelt. Dat blijkt niet te kloppen. Een kat
drinkt door met het uiteinde van z’n tong contact te maken met het vloeistofoppervlak en vervolgens de 
tong snel omhoog te trekken. De vloeistof aan de onderzijde van de omhoogbewegende tong blijft
kortstondig “plakken” waardoor zich een vloeistofkolom onder de omhoog bewegende tong vormt
Door op precies het juiste moment de bek te sluiten vangt de kat een klein beetje vloeistof in. Erg veel
vloeistof wordt er zo niet ingevangen; per “lik” ongeveer 0.15 ml. Een kat kan dit proces echter heel snel
herhalen (ongeveer 3 a 4 keer per seconde) zodat het drinken in de praktijk niet al te lang duurt. Een
nadeel van deze hoge snelheid is dat de details niet met het blote oog bestudeerd kunnen worden. Met 
een hogesnelheidscamera kan dat uiteraard wel
Het doel van de opdracht is om het mechanisme waarmee een kat drinkt te bestuderen in een
experiment. Hiertoe moet een experimentele opstelling ontworpen en gebouwd worden waarmee het
proces van het omhoogtrekken van de vloeistofkolom door de tong van de kat gesimuleerd kan worden
Hoe kan de hoeveelheid vloeistof in de kolom nauwkeurig bepaald worden? Welke parameters bepalen
de hoeveelheid vloeistof die met de omhoogbewegende tong wordt meegetokken? Hierbij kan je 
denken aan de afmeting van de (gesimuleerde) tong of de snelheid waarmee de tong beweegt, maar
misschien spelen de eigenschappen van de vloeistof ook een rol. Wanneer is de hoeveelheid vloeistof in 
de omhooggetrokken vloeistofkolom maximaal, en past dit bij de waargenomen frequentie van 
ongeveer 3.5 Hz?

Chair:

Involved People:

Facilities used: